Flevoland wordt steeds intensiever gebruikt. De vraag naar ruimte voor wonen, werken, mobiliteit en energie nam in 2025 verder toe. Tegelijk willen we de ruimtelijke kwaliteit, openheid en leefbaarheid van onze provincie behouden. Deze opgaven raken elkaar en kennen geen eenvoudige antwoorden. In 2025 is daarom gewerkt aan koers, samenhang en gezamenlijke programmering, zodat besluiten in de komende jaren beter in balans kunnen worden genomen.
Ruimtelijke koers 2025
Provinciale Staten (PS) bespraken in 2025 drie toekomstperspectieven voor de nieuwe 'Omgevingsvisie'. Op basis daarvan is het 'Koersdocument Omgevingsvisie' vastgesteld dat richting geeft aan keuzes over wonen, werken, mobiliteit, energie, natuur en voorzieningen. Deze koers vormt de basis voor verdere besluitvorming in 2026 en benadrukt het belang van integrale afwegingen.
Samenwerking in Flevoland, met het Rijk en binnen NOVEX ‑ gebieden
De samenwerking met gemeenten, waterschap en het Rijk is verder versterkt. De Regionale Investeringsagenda is in ontwikkeling als onderdeel van het gezamenlijk programmeren met het Rijk en de NOVEX ‑ gebieden. Partners bepalen hierin samen welke opgaven prioriteit krijgen; de investeringsagenda groeit mee met deze gezamenlijke afwegingen. Ook de trajecten 'Nota Ruimte' en 'NOVEX' zijn nadrukkelijk betrokken, omdat landelijke keuzes rechtstreeks doorwerken in de ontwikkelruimte van Flevoland.
Woningbouwopgave
De woningbouwopgave blijft groot en raakt meerdere belangen tegelijk. Het Rijk, de decentrale overheden, corporaties en marktpartijen hebben elkaar meer dan ooit nodig om de woningbouwopgave tot 2050 vorm te geven en de regie op de volkshuisvesting te versterken. . Door onze bijdrage aan de Nationale woningbouwopgave zal het aantal inwoners van Flevoland in nog geen dertig jaar toenemen van zo’n 450.000 nu tot pakweg 650.000. Van 2022 tot en met 2030 is de bouw van circa 40.000 woningen in Flevoland vastgelegd in twee ‘Woondeals’. We voeren periodiek overleg aan versnellingstafels om de woningbouw in Flevoland te bevorderen.
In 2025 is duidelijk geworden dat het bouwtempo onder druk staat en dat de opgave als geheel haalbaar blijft wanneer randvoorwaarden tijdig worden versterkt. Energie infrastructuur, stikstofruimte, drinkwaterbeschikbaarheid en plancapaciteit beïnvloeden elkaar en bepalen in hoeverre gemeenten plannen kunnen uitvoeren. Deze vraagstukken maken keuzes noodzakelijk waarbij woningbouw, landbouw, bereikbaarheid, energie, leefbaarheid, gezondheid en natuur steeds in samenhang worden beschouwd. De provincie heeft partijen bij elkaar gebracht, knelpunten inzichtelijk gemaakt en de onderlinge samenhang verduidelijkt, zodat gemeenten, corporaties, marktpartijen, nutsbedrijven en het Rijk gezamenlijk kunnen bepalen waar versnelling mogelijk is en waar eerst voorwaarden moeten worden versterkt.
Om de opgave van 100.000 woningen tot 2050 te realiseren moet niet alleen het bouwtempo omhoog. Het is ook belangrijk dat we passend bouwen bij de vraag van specifieke (in de wet benoemde) aandachtsgroepen en meer zijn algemeenheid de veranderende woonbehoefte. Denk bijvoorbeeld aan het groeiend aantal eenpersoonshuishoudens of de behoefte voortkomend uit de demografische vergrijzing. In de basis moet iedereen een passende woning kunnen vinden. Voor de jaren ná 2030 zijn er nog geen harde afspraken, maar we gaan ervan uit dat de bouw van 40.000 woningen per decennium haalbaar is, dus vanaf 2026 100.000 woningen tot en met 2050.
Randvoorwaarden en regionale ordening
Voor toekomstige woningbouw is in 2025 intensiever gekeken naar afhankelijkheden in energie, mobiliteit, bereikbaarheid, water en bodem. Deze systemen begrenzen waar ontwikkeling haalbaar is. Met name de beschikbaarheid van energie maar ook van voldoende drinkwater is randvoorwaardelijk. Tegelijk is gewerkt aan één gedeeld regionaal beeld van de woningbouwopgave, zodat verschillen en afhankelijkheden tussen gemeenten zichtbaar worden en de regionale afstemming en prioritering beter onderbouwd is.
Volkshuisvesting
In 2025 is daarnaast gewerkt aan de voorbereiding op de nieuwe provinciale taken uit de Wet versterking regie volkshuisvesting. Deze taken vragen om aandacht voor volkshuisvesting in de omgevingsvisie en om het opstellen van een volkshuisvestingsprogramma, in samenhang met de regionale woningbouwopgave en de afspraken in de woondeals.
Passend bouwen
In 2025 is met gemeenten, corporaties en marktpartijen verkend wat nodig is om passend te bouwen voor verschillende doelgroepen en woonmilieus. Daarbij is ook gekeken naar biobased bouwen, dat kan bijdragen aan duurzame woningbouw en aansluit bij innovatieve teelten en initiatieven in het landelijk gebied. Het biedt bovendien kansen voor agrarische ondernemers en wordt in Flevoland in samenhang bekeken met gebiedspartners uit zowel stedelijk als landelijk gebied. In 2025 is dit verder opgepakt via het platform Van Polder tot Pand, waarin ketenpartners werken aan de stap van vezelteelt naar toepassing in bouw en infrastructuur.
In het landelijk gebied is ook aandacht voor ontwikkelingen zoals huisvesting van arbeidsmigranten en wonen op erven, die onderdeel uitmaken van de gezamenlijke inzet op leefbaarheid in het landelijk gebied vanuit de 'opgave Landelijk Gebied' en de 'Woonopgave'.
Verstedelijking Almere en Lelystad
De verstedelijkingsopgaven in Almere en Lelystad vragen om gezamenlijke afwegingen tussen gemeenten, het Rijk en de provincie. In Almere werken partijen samen binnen Almere 2.0 aan het 'Meerjarenprogramma Fonds Verstedelijking Almere 2025–2029'. Dit programma richt zich op de brede ontwikkeling van de stad en de regio, met aandacht voor leefbaarheid, voorzieningen, leren en werken en de groene en waterrijke identiteit.
Met 'Lelystad Next Level' (LNL) zetten het Rijk, de provincie en gemeente Lelystad zich in voor de verdere groei van Lelystad naar 120.000 inwoners. Maar wel een groei in balans, in kwaliteit en met aandacht voor de bestaande stad en haar inwoners. In 2025 hebben we een analyse laten maken van de effecten van gebiedsontwikkeling op de stadsontwikkeling als geheel en geconcludeerd dat meer aandacht nodig is voor het stadshart en Lelystad Oost. Dit werken we uit in nieuwe bestuurlijke afspraken. In beide steden raken keuzes over nieuwe locaties direct aan leefbaarheid en de capaciteit van regionale systemen.
Brede welvaart, voorzieningen en een sterke samenleving
Groei vraagt om meer dan woningen. In 2025 is nadrukkelijk gekeken naar de samenhang tussen wonen, voorzieningen zoals onderwijs, zorg, cultuur, recreatie en mobiliteit, en banen. Deze samenhang wordt meegenomen in regionale afstemming en gezamenlijke programmering, zodat besluiten bijdragen aan vitale steden en dorpen. Om die reden is een Sociale Agenda opgesteld waarmee we willen bouwen aan een samenleving in balans, een vitale samenleving in onze provincie waar het fijn leven is: wonen, werken, ondernemen en recreëren.
Migratie en opvang
De asiel ‑ en vluchtelingenketen stond in 2025 onder druk. In de ‘Provinciale Regietafel Migratie & Integratie’ is gewerkt aan een evenwichtige spreiding van opvang en aan samenhang tussen opvang, huisvesting en integratie. Ook is gewerkt aan de voorbereiding van een regionale Samenwerkingsovereenkomst, waarin deze integrale aanpak wordt geborgd, en is een koppeling verkend met de ontwikkeling van een regionale doorstroomlocatie in Lelystad. Flevoland voldeed ruimschoots aan de landelijke opgaven voor asielopvang en leverde een substantiële bijdrage aan de nationale keten. De vaststelling van de regionale afspraken hangt samen met landelijke besluitvorming.
